REGIO - De eikenprocessierups laat zich weer zien in de regio, maar van grote overlast is voorlopig nog geen sprake. Uit een rondgang van SRC langs de gemeenten Culemborg, Tiel, Buren, West Betuwe, Vijfheerenlanden en Neder-Betuwe blijkt dat het aantal meldingen tot nu toe relatief laag is. Opvallend is dat alle gemeenten inmiddels zijn gestopt met preventief spuiten en vooral inzetten op natuurlijke bestrijding.
De meeste gemeenten verwijderen alleen nesten wanneer die daadwerkelijk worden aangetroffen. Daarbij wordt vooral gekeken naar locaties waar veel mensen komen, zoals scholen, sportparken, speelplaatsen en fietspaden.
Grote verschillen in aantal meldingen Het aantal meldingen verschilt per gemeente. In Culemborg kwamen dit jaar tot nu toe vijf meldingen binnen, tegenover twaalf in dezelfde periode vorig jaar. In Tiel werden zes meldingen gedaan, maar vier daarvan bleken uiteindelijk spinselmotten te zijn. Er bleven daardoor slechts twee meldingen van eikenprocessierupsen over.
Neder-Betuwe ontving tot nu toe één melding en West Betuwe drie. Vijfheerenlanden kreeg ongeveer tien meldingen binnen. In Buren zijn zelfs nog helemaal geen meldingen gedaan. Daarbij spreken de meeste gemeenten van een vergelijkbaar of lager aantal meldingen dan in voorgaande jaren.
Wegzuigen van nesten Alle zes de gemeenten kiezen voor een zogenoemde curatieve aanpak. Dat betekent dat nesten worden weggehaald zodra ze worden ontdekt of gemeld. Daarnaast voeren de meeste gemeenten jaarlijkse controles uit bij Eikenbomen.
Geen bestrijdingsmiddelen meer Opvallend is dat geen van de zes gemeenten nog bestrijdingsmiddelen gebruikt tegen de eikenprocessierups. Volgens de gemeenten zijn die middelen schadelijk voor andere insecten en daarmee voor de biodiversiteit. Vijfheerenlanden noemt het gebruik zelfs "desastreus voor de vlinderstand", omdat ook andere rupsen worden gedood.
De keuze sluit aan bij een bredere trend. Uit eerder onderzoek van Omroep Gelderland bleek dat steeds meer Gelderse gemeenten stoppen met het gebruik van bestrijdingsmiddelen vanwege de negatieve effecten op natuur en biodiversiteit.
Mezen als natuurlijke vijand In plaats daarvan zetten gemeenten steeds vaker in op natuurlijke bestrijding. Vrijwel overal in de regio hangen inmiddels nestkastjes voor kool- en pimpelmezen, die de rupsen eten.
Daarnaast wordt op veel plekken minder intensief gemaaid en wordt ingezet op bloemrijke bermen en meer variatie in beplanting. Daarmee hopen gemeenten meer natuurlijke vijanden van de eikenprocessierups aan te trekken.
Culemborg heeft de afgelopen jaren op verschillende locaties nestkasten geplaatst. Ook West Betuwe, Tiel, Vijfheerenlanden en Neder-Betuwe zetten nadrukkelijk in op biodiversiteit als wapen tegen de rups.
Verwachtingen voor deze zomer Over de vraag of de overlast deze zomer gaat toenemen, verschillen de verwachtingen. Tiel verwacht op basis van landelijke cijfers meer eikenprocessierupsen dan de afgelopen jaren. Ook Neder-Betuwe ziet signalen van een stijgende trend. Vijfheerenlanden wijst erop dat het warme voorjaar ervoor zorgt dat de rupsen eerder actief worden.
West Betuwe en Buren verwachten juist geen extra overlast. Culemborg denkt dat de overlast na de geplande verwijderingsronde in juni grotendeels verdwenen zal zijn.
Extra aandacht voor drukke locaties Hoewel de plaagdruk momenteel beperkt lijkt, houden gemeenten bepaalde locaties extra in de gaten. In Culemborg gebeurt dat onder meer bij Werk aan 't Spoel vanwege de vele evenementen die daar plaatsvinden. In Vijfheerenlanden krijgen sportparken en scholen extra aandacht.
De gemeenten roepen inwoners op om nesten niet zelf te verwijderen, maar meldingen door te geven via de gemeentelijke meldingssystemen. De brandharen van de eikenprocessierups kunnen namelijk huiduitslag, jeuk en irritaties aan ogen en luchtwegen veroorzaken.